Wees niet bang: thuiswerken wordt niet het nieuwe normaal

In de Volkskrant van 3 augustus stond een mooi artikel van Tijn Sinke, een jonge programma-adviseur bij een gemeente. In het verhaal wijst hij op de nadelige gevolgen van het thuiswerken voor jonge medewerkers. Het gaat hem niet alleen om de praktische kant – thuiswerken in kleine starterswoningen – maar ook om het wegvallen van al die terloopse mogelijkheden om aan je positie en netwerk binnen een organisatie te bouwen. Hij maakt zich daarom zorgen over de werkgevers die al hebben gezegd dat ze niet meer teruggaan naar de werksituatie van voor de crisis.

Sinke heeft zeker een punt. Met het thuiswerken is er meer weggevallen dan we tot nu toe vaak horen. Directe, toevallige, terloopse en informele interactie is cruciaal voor het functioneren van organisaties en hun medewerkers. Om het teamgevoel en de betrokkenheid te onderhouden. Om op de hoogte te blijven van waar anderen mee bezig zijn. Om de netwerken te vormen die nodig zijn voor kennisuitwisseling en innovatie. Om aandacht te geven aan het welzijn en de ontwikkeling van individuele medewerkers. Allemaal zaken die we grotendeels buiten de formele communicatiestructuren om met elkaar regelen. En die tijdens de lockdown plotseling niet meer vanzelf gingen.

Toch denk ik dat Sinke zich geen zorgen hoeft te maken; volledig thuiswerken wordt in de meeste organisaties niet het nieuwe normaal. Er zullen eerder hybride vormen van samenwerking ontstaan waarin ook de fysieke werkomgeving nog een belangrijke rol speelt. Het is wel belangrijk dat organisaties heel goed bedenken welke mix het beste werkt voor hun medewerkers. Wat moet er echt op kantoor, en wat kan er ook online? En welke aanpassingen vraagt dat in de manier van (samen)werken? Daarbij gaat het niet alleen over wat medewerkers nodig hebben om hun taken te kunnen vervullen. Er zijn nieuwe oplossingen nodig voor alle aspecten van het samenwerken, inclusief al die zaken die tot nu toe informeel en terloops gingen. Kennisuitwisseling kun je bijvoorbeeld prima via online communities organiseren. Informeel persoonlijk contact van leidinggevenden met medewerkers kan ook best online, maar dat vraagt wel ander gedrag en andere vaardigheden. En er zijn ook zaken die toch het beste in de fysieke werkomgeving kunnen gebeuren, zoals werken aan teamontwikkeling en het bouwen aan informele netwerken. Dat vraagt wellicht wel om een andere inrichting en een ander gebruik van de fysieke werkomgeving.

Zo is er voor elke organisatie een optimale mix van virtuele en fysieke vormen van samenwerking. Wij leggen op dit moment samen met zusterbureau Evolve de laatste hand aan een slimme scan voor hybride samenwerken. Die helpt om goed in kaart te brengen wat medewerkers nodig hebben. En om bewuste keuzes en heldere afspraken te maken over ‘het nieuwe samenwerken’. Want dat ontstaat niet vanzelf. Het is een veranderproces dat vraagt om richting én om actieve betrokkenheid van iedereen die in de organisatie werkt.

Michiel van Delden is specialist communicatie & change bij Involve.

Lees ook de blog van Evolve’s Peter Haan.